Van republikeinse gelegenheidsonderscheidingen tot koninklijke ridderorde
|
Doggersbankmedaille (1781) inv.nr. 111801 |
De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden bezat een hoogst eigenaardig staatsbestel, zonder formeel politiek centrum. Een ridderorde paste daarin niet. Dat was meer iets voor de absolute monarchieën die haar omringde. Wel kende de Republiek een rijke traditie van gelegenheidsonderscheidingen die naar aanleiding van belangwekkende gebeurtenissen waren uitgereikt aan de betrokkenen. De penningen, eresabels en medailles, uitgegeven ter herinnering aan de als een overwinning gevierde zeeslag tegen de Engelsen bij de Doggersbank (5 augustus 1781), waren daarvan een bijzonder voorbeeld. De uitreiking ervan werd begeleid door tot dan toe ongekende nationalistische gevoelens.
|
|
Orde van de Unie (1806-1811) inv.nr. 111802 |
Na de vorming van het Koninkrijk Holland (1806-1810) ging koning Lodewijk Napoleon op zoek naar een nieuwe vorm van onderscheiden. Geïnspireerd door Napoleons Legioen van Eer voerde hij in 1807 de Orde van de Unie in. Zij was bestemd voor burgers en militairen welke door derzelver kunde, talenten, dapperheid en deugden het vaderland hadden gediend. De Orde van de Unie kende drie klassen en voerde als devies: 'Doe wel en zie niet om'.
|
|
Orde van de Reünie (1811-1815) inv.nr. 111807 |
Napoleon kon maar weinig waardering opbrengen voor de door zijn broer opgerichte Orde van de Unie. Hij vond haar versierselen te weinig prestigieus en het devies ongepast. Na de inlijving van het Koninkrijk Holland (1810) verving hij de Orde dan ook al snel door een nieuwe die beter paste bij zijn ambities: de Ordre de la Réunion. Veel activiteiten zou deze orde overigens niet ontplooien. Op 28 juli 1815 kwam een formeel einde aan haar bestaan. De versierselen mochten niet langer in het openbaar worden dragen. Aan de betekenis van een ridderorde werd echter niet langer getwijfeld. Met de Franse ervaringen in het achterhoofd en de Oostenrijkse Orde van Maria Theresia en de Russische Orde van St. Joris als voorbeelden, stelde Koning Willem I een nieuwe orde in: de Militaire Willems-Orde, vernoemd naar Willem met den Hoorn, de eerste prins van Oranje. |