Huzaar van het Regiment Huzaren No 7 der Oost-Indische Troepen (1815-1836). De fraaie, doch zeer bewerkelijke lichtblauwe dolman met de rode kraag en mouwopslagen was rijkelijk voorzien van platte, vierkante en figuurtressen en grote en kleine knopen. Naar officiële gegevens uit 1823 bedroeg het maakloon vijf gulden en vijftig cents (met bijlevering van het bezaanbezetsel), terwijl het maakloon voor het vest 35 cents, de lichtblauwe laken pantalon drie gulden en de manteljas 1 gulden en 13 cents bedroeg. Bij de werving voor dit regiment meldden zich vele Belgen en Fransen aan die gediend hadden in de legers van keizer Napoleon.