Dit register ontsluit alfabetisch-lexicografisch de titels van en allerlei signaalwoorden en begrippen met betrekking tot de artikelen en andere bijdragen zoals die achter elkaar opgesomd worden in de Inhoudsopgaven. De diverse verklarende kenmerken die tussen teksthaken [ ] aan de titels in de inhoudsopgaven zijn toegevoegd, dienen ter verduidelijking van de inhoud van de bijdrage. Zij zijn tevens in de vorm van trefwoorden in het alfabetisch register opgenomen zodat ook zij als terugzoekkenmerken kunnen worden gebruikt.
Het register over de jaargangen 1-25 was op de manier van onze telefoonboeken nog zo ingericht dat de letters y en ij door elkaar achteraan in het alfabet stonden. Dit hebben wij nu losgelaten en de letter ij nu als twee afzonderlijke letters, op de manier van de woordenboeken, beschouwd: de y is achter de x te vinden. Weliswaar wordt in onze taal van oudsher de ij als één letter beschouwd en is hij als zodanig ook inwisselbaar met de y, maar buitenlanders begrijpen hier niets van en zoeken dus IJmuiden (dat zij als Ijmuiden lezen) niet achter de x maar bij de i. Om die buitenlandse gebruikers die zich in dit register door de Nederlandse termen en begrippen heen moeten worstelen ter wille te zijn, is dit onderscheid aangebracht.
De militaire geschiedenis en bedrijfscultuur zijn zeer grote gebieden met duizenden details en zeer uitgebreide terminologieën. In de loop van de afgelopen tweeënveertig jaar zijn vele van dergelijke begrippen en termen in de teksten van de Armamentaria-bijdragen verwerkt. Het ontsluiten echter van alle details, men denke b.v. alleen al aan uniformtoebehoren door de eeuwen heen, zou een ondoenlijke en extra tijdrovende zaakgeweest zijn. Dit nog afgezien van problemen met verwijzingen, synoniemen (inclusief Anglo-Amerikaans jargon), archaïsmen, schrijfwijzen e.d. Een verder probleem is dat het militair idioom continu aan veranderingen onderhevig is, zowel door internationale invloeden (o.m. door de NAVO en de inzet van onze strijdkrachten in het kader van organisaties als de VN, de EDG en de EU) als door voortdurende reorganisaties binnen de krijgsmacht. Deze veranderingen leveren allemaal neologismen aan. Ook het idoom van onze taal, de museologie en de militaire historiografie leveren regelmatig nieuwe begrippen en, niet te vergeten, afkortingen! Om enkele van vele militaire voorbeelden te noemen: materiaalvoorziening heet tegenwoordig bevoorrading of supply, stormgeweren heten nu assault rifles, een arsenaal een wapendepot. Ook dit soortproblemen vergt handmatige aanpassing van het register in de vorm van allerlei tref-en verwijswoorden.
Het was een vrijwel hopeloze zaak om de equivalenten van alle begrippen in het register op te nemen. Zoekt men naar een specifieke term, begrip of naam die men niet daarin aantreft, dan blijft er niets anders over dan een aanverwante, of ruimere of overkoepelende term te bedenken, daarop te zoeken en met behulp van de erachterstaande notatie het artikel op te slaan. Alle notaties zijn gelinkt naar het betreffende artikel; in principe wordt niet naar de bladzijde(n) verwezen waarin de zoekterm voorkomt.
Uitzondering zijn gemaakt voor de aanwinstenlijsten en voor, althans naar het oordeel van de schrijver dezes, duidelijk zelfstandige gedeelten die in sommige bijdragen voorkomen, belangrijke afbeeldingen enzovoort. In zo'n geval kan de notatie b.v. luiden: 494 (p. 260-262).
Sinds de ingebruikneming van de computer in de jaren 1970-1980 is wel geopperd dat een bepaald indexprogramma op de woorden die in de inhoudsopgaven voorkomen, na een hoop redactiewerk in het begin, toch uiteindelijk automatisch een bruikbaar alfabetisch register zou kunnen produceren. Dat is inderdaad zo, maar wil men een een zodanig register ook werkelijk bruikbaar maken voor uiteenlopende soorten raadplegers en vragenstellers, dan blijft desalniettemin een intensieve handmatige toevoeging van allerlei inhoudskenmerken noodzakelijk, zoals eerder is uitgelegd. Titels als Een veelbelovend begin, Klokken luidden voor Dientje, Een unieke uitzondering en vele andere meer behoeven extra uitleg over de inhoud van de bijdragen in de vorm van trefwoorden. Voor die uitleg zijn inhoudelijke kennis en inzicht een vereiste. Toevoeging van de zorgvuldiggekozen trefwoorden kan het beste achteraf handmatig gebeuren aangezien de meeste trefwoorden maar één keer voorkomen.
In het register dat in 1989 (Armamentaria 25) werd uitgebracht over de Armamentaria's 1 t/m 24 bestonden de notaties uit een vermelding van het nr. van de uitgave, gevolgd door de bladzijden-nummers. Geïllustreerde artikelen werden met een * gemerkt. Verder waren er aan de notaties allerlei afkortingen toegevoegd die betrekking hadden op de wijze waarop de inhoud van het artikel werd verantwoord. Dit is thans losgelaten. Aangezien vrijwel alle bijdragen geïllustreerd zijn, wordt dit gegeven nu niet langer apart vermeld. Ook de genoemde afkortingen met betrekking tot de verantwoording en bewijsvoering hebben wij in dit nieuwe register losgelaten. Zij komen immers al voor bij de entries in de inhoudsopgaven. Door deze maatregelen wordt het register ontlast.
Het belangrijkste element van het huidige register echter is de vereenvoudiging van de notatie zelf: nu wordt uitsluitend het volgnummer van de bijdrage vermeld en niet langer het nummer van de afzonderlijke jaargang en de bladzijde-nummers. De gebruiker wordt via het volgnummer doorgelinkt naar de juiste inhoudsopgave. De bijdragen in de twee nul-nummers van Armamentaria (1963 en 1964) worden genoteerd met aparte volgnummers binnen deze uitgaven. Deze nummers zijn tussen teksthaken [ ] geplaatst om ze te onderscheiden van de volgnummers binnen de reeks van de Armamentaria's sinds 1965.
A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P, Q | R | S | T | U | V | W, Y | Z