De verzameling prenten en tekeningen, zo'n 10.000 bladen van hoofdzakelijk Nederlandse kunstenaars, mag uniek worden genoemd. Zij is opgebouwd uit diverse collecties, waaronder die van generaal F.J.G. ten Raa en F.G. de Wilde en de verzamelingen van het vroegere Ministerie van Oorlog en het Koninklijk Huisarchief.
|
| Vechtende militairen door Arnoldus Lamme, 1795-1806 |
De onderwerpen zijn topografie (krijgskundige kaarten en atlassen), historie, portretten van Oranjes en veldheren, en het soldatenleven. Bekende kunstenaars waarvan werk in de collectie aanwezig is, zijn J.A. Langendijk, B.J. van Hove, Joh.I. Hari, J.B. Madou, W.C. Staring en (de ook met schilderijen vertegenwoordigde) Rochussen en Hoynck van Papendrecht. Daarnaast zijn het vooral werken van niet onverdienstelijke amateur-tekenaars, waaronder beroepsmilitairen zoals generaal Ten Raa en M.H. van Tilburg. Zij hielden zich vooral bezig met (het kopiëren van) uniformkundige voorstellingen.
|
| Dieptrommen van de Stedelijke Schutterij van Zutphen, door W.C. Staring, 1865-1916 |
Wat aantal betreft is de 19e eeuw rijkelijk vertegenwoordigd. Veel kunstenaars kozen voor het militaire onderwerp mede naar aanleiding van de aanwezigheid van een prins van Oranje in de slag bij Waterloo (1815) en de Tiendaagse Veldtocht (1831). Dankzij de opkomst van de lithografie en het geïllustreerde tijdschrift kon het militaire onderwerp onder de aandacht van het brede publiek worden gebracht.