terug

Veel krijgstrofeeën in de collectie stammen uit het voormalige Nederlands-Indië. In de Indische Archipel was het gebruik van vlaggen al duizenden jaren bekend. Door de opkomst van de Islam en de inmenging van het Westen die tot de nodige onrusten leidde, werden de Indische vlaggen een samensmelting van geloof en krijgsmanschap. Net als in het Westen was de vlag een waardigheidsteken van een belangrijke persoon met een  magische betekenis waaronder men ten strijde trok. Het afbeeldingsverbod van de Koran leidde tot vlaggen met ornamentele, maar symbolische emblemen, of Koranverzen en spreuken die als een toverformule werden herhaald. Dergelijke exemplaren werden in 1784 tijdens de nadagen van de Verenigde Oost-Indische Compagnie veroverd, toen J.P. van Braam met een strafexpeditie de orde in de Oost moest herstellen.